Over dit
werk

Object details

Titel: 
Jan-Gaspard Gevartius
Datum: 
1628-1631
Medium: 
olieverf op paneel
Afmetingen: 
118,5 × 97,7 cm
Inventaris nummer: 
706

Meer over dit werk

Jan-Gaspard Gevartius (1593-1666) zit aan een schrijftafel met een ganzenveer in de hand en een open manuscript voor zich waarvan beide bladzijden nog onbeschreven zijn. Waarschijnlijk werkt hij aan zijn commentaar op het werk van Marcus Aurelius, de Romeinse keizer en filosoof wiens buste hem aankijkt. Op de achtergrond staan enkele dikke boeken die getuigen van Gevartius’ belezenheid. Hij draagt een zwart gewaad en een kraag.
Gevartius studeerde rechten aan de universiteit van Leuven en was van 1621 tot aan zijn dood in 1666 stadssecretaris van Antwerpen. In die hoedanigheid stond hij in voor de organisatie van officiële plechtigheden. Hij was daarnaast een humanist en filoloog. Zijn editie van het werk van de Romeinse dichter Publius Papinius Statius bezorgde hem internationale faam. Gevartius was goed bevriend met Rubens. Tijdens de diplomatieke reizen van de schilder stond hij in voor de klassieke opleiding van diens oudste zoon Albert. Gevartius schreef ook het epitaaf voor Rubens’ graf in de Sint-Jacobskerk. In 1634 werkten Gevartius en Rubens samen aan een groots project: het decoratieve programma van de Pompa Introitus Fernandi, de Blijde Intrede van Frans Ferdinand in Antwerpen. Rubens legde zich toe op de beeldende elementen, Gevartius op de inscripties. Gevartius publiceerde later ook een pamflet over de intrede.
Het portret past stilistisch in Rubens’ late periode (1630-1640). Het wordt rond 1630 gedateerd, omdat Gevartius toen aan zijn manuscript over Marcus Aurelius werkte. Op 29 december 1628 schreef Rubens hem een brief vanuit Madrid. Hieruit blijkt dat Gevartius hem had gevraagd om geschriften van Marcus Aurelius op te zoeken in private bibliotheken in Spanje. Rubens verbleef van 1628 tot 1630 als vredesonderhandelaar in Spanje en Engeland. Waarschijnlijk schilderde hij het portret van Gevartius net vóór of na de reis en diende het als pendant van een portret van Jan Gevartius, de vader van Jan-Gaspard. Het heeft hetzelfde compositieschema, maar dan in spiegelbeeld. Mogelijk schikte Rubens zich dus naar een bestaand format. Dit kan verklaren waarom het schilderij van Gevartius afwijkt van de andere portretten die Rubens van bevriende humanisten maakte en die veelal uitdagender en directer waren.
Het portret wordt gezien als een samenwerking van Rubens met een onbekende ateliermedewerker. Rubens werkte vooral aan het aangezicht en de handen van Gevartius, de belangrijkste onderdelen. Het kostuum en de achtergrond liet hij over aan assistenten, een gangbare praktijk in 17de-eeuwse portretschilderkunst. Op de achterkant van het paneel is het monogram ‘MV’ te zien, het merk van paneelmaker Michiel Vriendt, bij wie Rubens vaker panelen bestelde.
Gevartius’ portret werd enkele keren (deels) gekopieerd. Vermeldenswaard is een wijdverspreide gravure van Paulus Pontius, waardoor een ruim publiek reeds vroeg vertrouwd werd met Gevartius’ gezicht.

Verwervingsgeschiedenis

Verzameling Jan-Gaspard Gevaert, of Gevartius (1593-1666), Antwerpen; gezien door Papebrochius bij Carel-Jacob de Sivory, kleinzoon van Gevartius, vóór 1700; geërfd door de kinderen van Jan Roose en Marie de Kinschot, dochter van Ambrosius Kinschot en Anna Gevaert, zus van Jan-Gaspard; gezien bij deze familie door Michel rond 1771; veiling weduwe Roose, Antwerpen, 8 mei 1798 (19 Floréal VI), Lugt 5754, lotnr. 1 (‘Le Portrait de Gaspar Gevartius, Conseiller &c. Historiographe, & intime Ami de Rubens: ce Savant est assis devant une table, tenant d’une main la plume & de l’autre le livre; devant lui est le Buste de M. Aur. Antoninus, & dans le fond quelques livres. Ce beau morceau est d’un ton argentin & transparant, de plus, d’un fini précieux. Les mains y sont merveilleusement rendues, en un mot, ce Magistrat est assez connu par l’estampe, qui en est gravée par P. Pontius’); volgens een geannoteerde veilingcatalogus verkocht aan ‘Mertens’ voor ‘1515’ Francs(?), maar mogelijk ingehouden, want opnieuw in bezit van de familie Roose in 1830; verzameling Marie Caroline Roose de Baisy (1797-1850), ’s Gravenwezel; geërfd door haar man Philippe Gillès (1796-1874), ’s Gravenwezel; gelegateerd aan het museum door graaf Philippe Arnold Louis Joseph Gillès van 's Gravenwezel, 1875.

legaat van: graaf Philippe Arnold Louis Joseph Gillès van 's Gravenwezel, 1875

Copyright en legaal

Deze afbeelding mag gratis gedownload worden. Voor professioneel gebruik of meer informatie kun je het contactformulier invullen. Lees hier meer.